Achter de schermen: Training & Ontwikkeling
De stap van kennis naar gedrag
Hoe zorg je dat een training gedrag wordt?
Een gesprek met onze opleidingskundige Tilana Robbertsen over leren, maatwerk en realistisch trainen.
Hoe zorg je ervoor dat iemand met een certificaat ook echt weet hoe te handelen als de brandmelder afgaat, of als een collega tegen de vlakte gaat? Voor Tilana Robbertsen, opleidingskundige bij G4S Training & Safety, is dat de centrale vraag in haar werk. Vanuit haar afdeling, Training & Opleiding (T&O) worden onze trainingen doorlopend geoptimaliseerd. Op basis van actuele richtlijnen, nieuwe werkvormen, ervaringen uit de praktijk en de werkomgeving van de deelnemer.
Van kennisoverdracht naar gedragsverandering
Binnen T&O werkt Tilana dagelijks aan het ontwikkelen, actualiseren en verbeteren van trainingsprogramma’s. Dat gaat over nieuwe lesstof, gewijzigde richtlijnen en het bieden van variatie, maar de grootste uitdaging zit volgens haar elders: in het creëren van leerervaringen die leiden tot kunnen handelen in de praktijk.
“Een certificaat staat niet gelijk aan veiligheid. Veiligheid ontstaat als mensen in een onverwachte situatie met vertrouwen kunnen handelen.”
In onze trainingen vertaalt zich dat naar actieve werkvormen, praktijkoefeningen en realistische scenario’s. We dagen deelnemers uit om zelf te analyseren, beslissingen te nemen en ervaringen met elkaar te delen. Die aanpak sluit aan bij wat volgens Tilana de kern van leren is: mensen leren het meest door te ervaren, te oefenen en te reflecteren.
Dat vraagt ook om een andere rol van de instructeur. Minder zenden, meer begeleiden. Praktijkervaringen uit de groep krijgen bewust een plek in de training en tijdens oefeningen vragen onze instructeurs eerst aan deelnemers zelf wat goed ging en wat beter kan. Zo ontstaat een leeromgeving waarin deelnemers van de instructeur leren én van elkaar.
Maatwerk als antwoord op de praktijk
Hoewel de basis van een BHV- of EHBO-training vaak gelijk blijft, verschillen de risico’s, werkomgevingen en incidenten per organisatie. Dat maakt dat we steeds nadrukkelijk kijken naar de context waarin mensen werken.
Bij een organisatie met meerdere locaties is dit principe goed zichtbaar. Hoewel de wettelijke basis voor veiligheidstraining voor alle vestigingen gelijk is, kan de dagelijkse praktijk per locatie sterk verschillen. Door per locatie input op te halen bij contactpersonen, zoals over specifieke incidenten en risico’s, wordt duidelijk welke thema’s aan bod moeten komen in de training.
Dit leidt tot een trainingsprogramma met een uniforme basis, aangevuld met gerichte locatiespecifieke verdieping. Zo krijgt de ene locatie meer aandacht voor specifieke medische situaties, terwijl bij een locatie met een technisch profiel juist scenario’s rondom apparatuur en gereedschap centraal staan. De kracht zit in deze combinatie: dezelfde kwaliteit en structuur voor de gehele organisatie, met oefeningen die direct aansluiten bij de dagelijkse werkelijkheid van elke specifieke locatie of doelgroep.
“De herkenbaarheid van een oefening bepaalt voor een groot deel de impact. Als deelnemers trainen in situaties die zij echt kunnen tegenkomen, neemt de betrokkenheid toe. En daarmee de leeropbrengst.”
Die manier van werken ziet Tilana steeds vaker terug. Organisaties zoeken een training die voldoet aan de wettelijke eisen én aansluit op de risico’s en uitdagingen van hun eigen werkomgeving.
Innoveren met de praktijk als vertrekpunt
Innovatie wordt binnen opleiden vaak gekoppeld aan technologie. Voor Tilana begint innovatie ergens anders: bij de vraag hoe mensen het beste leren.
Een voorbeeld daarvan is BHV GO!, een trainingsconcept dat we binnen G4S ontwikkelden om deelnemers de hele training actief betrokken te houden. In plaats van theorieblokken werken deelnemers in korte rondes met steeds wisselende werkvormen: een opdracht in teams, een praktijkoefening, een korte reflectie, een nieuw scenario. Het ritme verandert continu en deelnemers zitten geen halve dag passief te luisteren.
De ontwikkeling van BHV GO! laat volgens Tilana zien hoe wij innovatie benaderen. Geen eenmalige vernieuwing, maar continu verbeteren op basis van feedback van cursisten, instructeurs en klanten.
“De vraag is niet of iets vernieuwend is. De vraag is of het deelnemers helpt om beter voorbereid te zijn op de praktijk.”
Die focus op doorontwikkeling zie je in alle trainingsprogramma’s terug. We verwerken nieuwe richtlijnen, geven actuele thema’s een plek in het lesmateriaal, zetten nieuwe werkvormen in en vertalen ervaringen uit de praktijk naar nieuwe scenario’s en werkvormen.
De instructeur als sleutel tot succes
Een effectieve training staat of valt uiteindelijk met de kwaliteit van de instructeur. We investeren daarom ook in de ontwikkeling van onze trainers.
Jaarlijks volgen instructeurs een meerdaagse bijscholing waarin vakinhoudelijke en didactische thema’s bij elkaar komen. We behandelen nieuwe richtlijnen, bespreken actuele veiligheidsontwikkelingen, analyseren praktijkcasussen en oefenen de eigen skills in scenario’s met lotusslachtoffers. Ook didactiek krijgt ieder jaar een plek. Bijvoorbeeld in sessies over het energielevel hoog houden, over trainersvaardigheden of over het omgaan met niveauverschillen binnen een groep.
Die investering is belangrijk, omdat een instructeur in een training een centrale rol vervult. Zij dragen kennis over, helpen deelnemers vertrouwen op te bouwen en bereiden ze voor op situaties waarin snel en adequaat handelen nodig is.
Daarnaast praten we instructeurs regelmatig bij over actuele onderwerpen, zoals lithiumaccu’s, maar ook mentale eerste hulp. Bij verschillende nieuwe klanten organiseren we onboardings. Samen met de klant informeren we de instructeur vooraf over de specifieke risico’s, de werkomgeving en de trainingsprogramma’s.
De toekomst van veiligheidstrainingen
Vooruitkijkend ziet Tilana volop kansen om leren nog effectiever te maken. Ze verwacht dat blended learning een steeds grotere rol gaat spelen: kennis die we vooraf digitaal aanbieden, waardoor er tijdens de training meer ruimte is voor oefenen, samenwerken en realistische scenario’s.
Ook AI biedt volgens haar interessante mogelijkheden, vooral als ondersteuning bij kennisvragen, scenario-ontwikkeling of het verrijken van leerervaringen.
Toch verandert één principe volgens haar niet.
“De grootste leerwinst ontstaat als mensen ervaren, oefenen en reflecteren. Realistisch trainen blijft daarmee ook in de toekomst de basis.”
Juist daar ligt onze kracht: actuele kennis, praktijkervaring en realistische leeromgevingen combineren, zodat deelnemers voorbereid zijn op het echte werk. Want veiligheid is geen theorie. Veiligheid is iets wat je ervaart, oefent en blijft ontwikkelen.